Nieuws
Achter de schermen: Monitoringscommissie
31-08-2026
69
Sportvrienden,
Veel liefhebbers zijn zich er niet van bewust dat Afdeling Oost een monitoringscommissie heeft met uitgebreide expertise over het klimaat in de wagens. Door middel van dit bericht geven wij informatie over de achtergrond van de commissie en wat we doen. De opdracht aan de monitoringscommissie is dat alle duiven vervoerd dienen te worden op een wijze die voldoet aan het vervoersreglement.
Afdeling 8
Binnen Afdeling 8 zijn zowel een oud type wagen als een nieuw type wagen meerdere jaren gemonitord. Over beide is een wetenschappelijk rapport opgesteld. Onder andere Dhr. F. Jacobs is auteur van dit rapport en lid van de monitoringscommissie van Afdeling Oost. Op basis van dat rapport zijn de criteria in het vervoersreglement NPO vastgesteld.
Tijdens het onderzoek is gekeken naar:
Rapporten leefklimaat duivenwagens Afdeling 8
Monitoring leefklimaat duivenwagen Afdeling 8 seizoen 2018-2019
Monitoring leefklimaat duivenwagen Noord en Zuid Afdeling 8 seizoen 2021
Afdeling 9
Voor de wagens van Afdeling 9 is tussen 2011 en 2018 een uitgebreide reeks wetenschappelijke onderzoeken en praktijkmetingen uitgevoerd door de WOWD. In deze onderzoeken zijn de wagens van Afdeling 9 ook rechtstreeks vergeleken met alternatieve typen duivenwagens van Afdeling 8 en Afdeling Friesland ’96 om de beste ventilatieprincipes in kaart te brengen.
Op basis van deze meetreeksen en vergelijkingen zijn destijds concrete verbeteringen doorgevoerd:
WOWD 2011 02 Rapport Afd. 9 Deel 1 Rapport
WOWD 2012 08 Rapport Afd. 9 Deel 2 Rapport
WOWD 2012 10 Rapport Afd. 9 Deel 3 Rapport
WOWD 2013 10 Rapport Afd. 9 Deel 4 Rapport
WOWD 2018 11 Rapport Afd. 9 Deel 5 Rapport
Jonge duiven
In aanloop naar de evaluatie jonge duiven willen wij het volgende meegeven.
Jonge duiven produceren de eerste vluchten aantoonbaar meer warmte en CO₂. Soms verloopt een vlucht dan goed, andere keren juist niet. Dit jaar zagen we zelfs dat een volledig beladen wagen goed verliep, terwijl een half gevulde wagen in hetzelfde weekend veel minder goed ging. Dit was zowel het geval in wagens van Afdeling 8 als Afdeling 9.
Belangrijk om te vermelden: na aankomst op de losplaats gaan alle deuren open en is het klimaat binnen en buiten de wagen vrijwel gelijk. De CO₂‑waarden zijn dan nagenoeg identiek. De grootste verliezen doen zich vaak voor op de eerste jonge‑duivenvluchten, waarbij de rijtijd kort is en de duiven al uren op de losplaats staan. Dan zijn de CO₂‑waarden in de wagen vrijwel gelijk aan die buiten de wagen. Dit toont aan dat verliezen van jonge duiven niet simpelweg te herleiden zijn naar het klimaat in de wagen.
Of de omstandigheden in de wagen nog verder verbeterd kunnen worden, is zeker bespreekbaar. Wij staan dan ook open voor een sessie bij de wagens om te bekijken welke verbeteringen mogelijk zijn als dat een aanbeveling is vanuit de commissie evaluatie jonge duiven.
Ondertussen blijven wij ons inzetten voor een zorgvuldige, transparante en onderbouwde aanpak, waarbij alle factoren worden meegenomen.
Met vriendelijke groet,
Monitoringscommissie Afdeling Oost
Veel liefhebbers zijn zich er niet van bewust dat Afdeling Oost een monitoringscommissie heeft met uitgebreide expertise over het klimaat in de wagens. Door middel van dit bericht geven wij informatie over de achtergrond van de commissie en wat we doen. De opdracht aan de monitoringscommissie is dat alle duiven vervoerd dienen te worden op een wijze die voldoet aan het vervoersreglement.
- Alle huidige wagens voldoen aan het vervoersreglement.
- Belangrijk om te vermelden: de sensoren waarmee wordt gemeten zijn geplaatst tussen de manden; daar waar de duiven zitten.
- Wij monitoren gedurende het gehele seizoen doorlopend het klimaat in de wagens. Hierover is eerder een bericht gepubliceerd onder de titel: Meten is weten.
Afdeling 8
Binnen Afdeling 8 zijn zowel een oud type wagen als een nieuw type wagen meerdere jaren gemonitord. Over beide is een wetenschappelijk rapport opgesteld. Onder andere Dhr. F. Jacobs is auteur van dit rapport en lid van de monitoringscommissie van Afdeling Oost. Op basis van dat rapport zijn de criteria in het vervoersreglement NPO vastgesteld.
Tijdens het onderzoek is gekeken naar:
- Het verloop van de vluchten;
- De temperatuur verdeling binnen de wagen;
- CO₂‑waarden;
- En de uniformiteit van het klimaat.=
Rapporten leefklimaat duivenwagens Afdeling 8
Monitoring leefklimaat duivenwagen Afdeling 8 seizoen 2018-2019
Monitoring leefklimaat duivenwagen Noord en Zuid Afdeling 8 seizoen 2021
Afdeling 9
Voor de wagens van Afdeling 9 is tussen 2011 en 2018 een uitgebreide reeks wetenschappelijke onderzoeken en praktijkmetingen uitgevoerd door de WOWD. In deze onderzoeken zijn de wagens van Afdeling 9 ook rechtstreeks vergeleken met alternatieve typen duivenwagens van Afdeling 8 en Afdeling Friesland ’96 om de beste ventilatieprincipes in kaart te brengen.
Op basis van deze meetreeksen en vergelijkingen zijn destijds concrete verbeteringen doorgevoerd:
- Luchtinlaat geoptimaliseerd: De inlaat van het voorste compartiment is verplaatst naar het dak om via de rijwind een aanzienlijk hoger inblaasdebiet te forceren.
- Capaciteitsverhoging: Door technische revisies en aanpassingen aan het buizenstelsel werd het mechanische invoerdebiet ruim verdubbeld (van circa 5 naar 14 verversingen per uur).
- Onderzoek naar mandbezetting: Mede op basis van de praktijkmetingen in Afdeling 9 is destijds de mandbezetting teruggebracht naar 25 duiven per mand om de warmteproductie in de wagen aanzienlijk te verlagen.
- Meerjarige monitoring: Zowel in 2013 als bij een uitgebreide herevaluatie in 2018 is vastgesteld dat de aangepaste wagens (in combinatie met 25 duiven per mand en geopende dakluiken tijdens transport) een stabiel en goed binnenklimaat realiseren.
WOWD 2011 02 Rapport Afd. 9 Deel 1 Rapport
WOWD 2012 08 Rapport Afd. 9 Deel 2 Rapport
WOWD 2012 10 Rapport Afd. 9 Deel 3 Rapport
WOWD 2013 10 Rapport Afd. 9 Deel 4 Rapport
WOWD 2018 11 Rapport Afd. 9 Deel 5 Rapport
Jonge duiven
In aanloop naar de evaluatie jonge duiven willen wij het volgende meegeven.
Jonge duiven produceren de eerste vluchten aantoonbaar meer warmte en CO₂. Soms verloopt een vlucht dan goed, andere keren juist niet. Dit jaar zagen we zelfs dat een volledig beladen wagen goed verliep, terwijl een half gevulde wagen in hetzelfde weekend veel minder goed ging. Dit was zowel het geval in wagens van Afdeling 8 als Afdeling 9.
Belangrijk om te vermelden: na aankomst op de losplaats gaan alle deuren open en is het klimaat binnen en buiten de wagen vrijwel gelijk. De CO₂‑waarden zijn dan nagenoeg identiek. De grootste verliezen doen zich vaak voor op de eerste jonge‑duivenvluchten, waarbij de rijtijd kort is en de duiven al uren op de losplaats staan. Dan zijn de CO₂‑waarden in de wagen vrijwel gelijk aan die buiten de wagen. Dit toont aan dat verliezen van jonge duiven niet simpelweg te herleiden zijn naar het klimaat in de wagen.
Of de omstandigheden in de wagen nog verder verbeterd kunnen worden, is zeker bespreekbaar. Wij staan dan ook open voor een sessie bij de wagens om te bekijken welke verbeteringen mogelijk zijn als dat een aanbeveling is vanuit de commissie evaluatie jonge duiven.
Ondertussen blijven wij ons inzetten voor een zorgvuldige, transparante en onderbouwde aanpak, waarbij alle factoren worden meegenomen.
Met vriendelijke groet,
Monitoringscommissie Afdeling Oost
https://www.afdelingoost.nl/ - Monitoringscommissie Afdeling Oost